De aanslag – Harry Mulisch

Eigenlijk was ik eerst begonnen in “Oorlog en terpentijn” van Stefan Hertmans, maar dat boek kan mijn voorlopig maar matig boeien. De eerste bladzijden van “De aanslag” waren daarentegen wel raak; ik was direct verkocht!

de aanslag

Het is januari 1945. De twaalfjarige Anton Steenwijk woont met zijn ouders en zijn broer in Haarlem, Nederland. Het is Hongerwinter, ze brengen de avond in de kou en met een lege maag door. De broers kibbelen een beetje, ze spelen mens-erger-je-niet. Plots horen ze schoten op straat. Fake Ploeg – een collaborateur en notoir geweldenaar – wordt neergeschoten op enkele meters van hun huis. Door het raam zien ze de buren het lijk voor hun voordeur deponeren. Wanneer Anton’s broer het lijk daar probeert weg te krijgen, zijn de Duitsers er al. Hoewel ze er zelf geen aandeel in hadden, wordt bij een vergeldingsactie de hele familie Steenwijk gedood, op Anton na. Hun huis gaat in de fik.

Anton groeit op bij zijn oom en tante en stelt het relatief goed. Hij zoekt het verleden niet op en gaat evenmin op zoek naar een schuldige voor zijn droeve lot.

“Iedereen heeft gedaan, wat hij heeft gedaan en niet iets anders”, zegt Anton daarover.

Maar het verleden achtervolgt Anton en telkens komt hij weer iemand tegen die hem herinnert aan de oorlog: de zoon van Fake Ploeg, zijn vroegere buren, een verzetsman die betrokken was bij het incident,…

Mulisch laat je nadenken over wie schuld draagt. De Duitsers die onschuldige burgers zonder vorm van proces de dood injoegen (alleszins). Maar wat met de verzetslui die Ploeg neerhaalden in de straat van de Steenwijks en hadden kunnen voorzien dat er vergeldingsacties  zouden volgen? En de buren die het lijk versjouwden om zelf niet verdacht te worden? Heeft Anton’s broer trouwens niet zelf het onheil over zich afgeroepen door Ploeg te willen verleggen?

Was iedereen schuldig en onschuldig? Was de schuld onschuldig en de onschuld schuldig?

Een oerdegelijke, filosofische roman schrijven die tegelijk spannend is, dat doen weinigen Mulisch na.