Haar – Kathleen Vereecken

“Haar” vertelt het verhaal van een gezin met drie dochters. We volgen ze van de zomer waarin moeder Lena overlijdt, tot de dag waarop vader Ivo sterft. Hoewel de vader ook een stem krijgt in het boek, is het vooral een boek van en over vrouwen. Over de vragen die zij zich stellen (kan ik een goeie moeder zijn?, bijvoorbeeld), over de dingen waar ze mee worstelen en over hoe ze met elkaar omgaan. Haar - Kathleen Vereecken

De zussen lijken weinig op elkaar. De jongste zus, Hanna, weet vaak niet van welk hout pijlen te maken en verliest zich in esoterie. De middelste zus Catherine is meer evenwichtig en is kunstzinnig aangelegd. De oudste, Suzanne, wordt voorgesteld als eerder rationeel. Ze zijn heel verschillend, maar wat hen verbindt is dat ze alledrie de nodige tegenslagen te verwerken krijgen.

De titel van het boek verwijst naar de vraag waarom schijnbaar vele vrouwen voor een kort kapsel kiezen op een gegeven moment in hun leven. Lang geleden las ik in EOS Magazine waarom dat zo is (*) en ik heb het altijd onthouden, omdat ik het zo opmerkelijk vond. Doorheen het boek speelt de schrijfster met dit gegeven:

Er was alleen maar de vraag. Zouden zij straks hun haren afknippen, zoals alle vrouwen vroeg of laat leken te doen? Omdat ze getrouwd waren. Omdat ze kinderen kregen. Omdat het ware leven geen frivoliteiten verdroeg. Omdat ze meisje af waren, en de wereld dat mocht zien. Hij zag het in zijn familie, in hun vriendenkring, op straat, overal.

Kathleen Vereecken weet hoe ze haar lezers kan boeien. Ze schrijft heel vlot; ze hoeft niet onder te doen voor – pakweg – Griet Op de Beeck. Het leven is vallen en weer opstaan, zo lijkt ze ons te vertellen. En ze doet dat op een ingehouden manier, zonder bombarie. Dat vond ik heel mooi. Het geheim van vader Ivo helpt om de spanning er in te houden, maar zonder had ik het zeker even snel uitgelezen.

(*) Antropologen hebben vastgesteld dat veel vrouwen, onafhankelijk van hun culturele achtergrond, hun haren kort knippen nadat hun kinderwens vervuld is. Lange haren zijn een teken van jeugd en vruchtbaarheid. Je haar kort knippen is dus als het ware aan je omgeving duidelijk maken dat de periode van voortplanting voorbij is.

De renner – Tim Krabbé

1001004011218440“De renner” is het verslag van een wielerwedstrijd: de Ronde van de Mont Aigoual. Het is geen verslag zoals je in de krant leest, geschreven door een journalist die de wedstrijd van aan de zijlijn heeft gezien. Tim Krabbé rijdt zelf mee en laat ons in zijn hoofd kijken.

Dat levert een heel interessant perspectief op. Je weet niet alleen wie wanneer demarreert, maar je voelt ook de angst in de afdaling, de pijn wanneer de achtervolging ingezet wordt, de regen die doorweekt. Je kan het psychologisch spel dat zo’n koers is, van op de eerste rij volgen. De dromen als ze meestrijden voor de winst en de wanhoop als het de verkeerde kant uitgaat.

Je bewustzijn is klein op een fiets. Hoe zwaarder de inspanning, hoe kleiner. Iedere beginnende gedachte is meteen helemaal waar, iedere onverwachte gebeurtenis is iets wat je altijd al geweten had maar even vergeten was. Een doorhamerende zin uit een liedje, een steeds opnieuw begonnen deelsom, een uitvergrote boosheid op iemand is voldoende om je gedachten te vullen.

Het relaas is doorspekt met anekdotes uit vroegere wedstrijden van Krabbé en straffe verhalen uit de wielergeschiedenis. Krabbé kijkt met heimwee terug naar de tijd waarin wielrennen een heroïsche strijd was, op gammele fietsen en over slechte wegen:

Ach, had ik toen renner mogen zijn. Want al het lijden verandert na de eindstreep in een herinnering aan genot, en hoe groter het lijden is geweest, hoe meer genot. Dat is de wederdienst van de natuur aan de renners voor de hommage die ze haar brengen door te lijden. Fluwelen kussens, safariparken, zonnebrillen, de mensen zijn wollen muizen geworden. Ze hebben nog steeds de lichamen waarmee ze vijf dagen en vier nachten door een sneeuwwoestijn  kunnen lopen, zonder voedsel, maar ze laten zich schouderklopjes geven als ze een fietstochtje van een uur gemaakt hebben. “Goed van jou.” In plaats van zich erkentelijk te tonen voor de regen door nat te worden lopen de mensen met paraplu’s. De natuur is een oude dame met weinig aanbidders meer, wie nog van haar charmes gebruik wil maken, die beloont zij hartstochtelijk.

Daarom zijn er renners.

Lijden heb je nodig. Literatuur is een uitwas.

Krabbé mag dan een subtopper gebleven zijn als wielrenner, als schrijver fietst hij moeiteloos met de kopgroep mee. Misschien moet je een voorliefde hebben voor het wielrennen om dit boekje helemaal te smaken, maar toch denk ik dat iedereen die van sport én literatuur houdt, hiervan kan genieten.

De levenden herstellen – Maylis de Kerangal

De achterflap van deze roman vertelt meteen het hele verhaal: Simon Limbres, een sportieve jongeman, gaat op een ijskoude winterdag om 6u ’s ochtends surfen. Minder dan 24u later is zijn hart ingebouwd in het lichaam van een 51-jarige vrouw met een hartkwaal. Ziedaar de naakte feiten. de levenden herstellen

Alle betrokkenen in het verhaal, komen één voor één aan bod: Simon zelf, zijn ouders, zijn zusje, artsen en verplegers, de vrouw die Simon’s hart ontvangt, haar kinderen, … Hartverscheurend is het (uiteraard), maar al die betrokken komen zonder melodrama aan het woord. Een stroom van woorden soms: heel lange zinnen, met veel wetenschappelijke termen, maar in een magnifieke taal, bijna poëtisch. Dat contrast tussen de bondigheid van de wetenschappelijke taal van de genezers en de beeldrijke taal van de roman vond ik heel schoon.

… hij gebruikt een taal die ze gemeen hebben, een taal die wijdlopigheid uitbant als tijdverlies, die welsprekendheid en de verleiding van woorden veroordeelt, die overmatig gebruikmaakt van werkwoordloze zinnen, codes en afkortingen, een taal waar spreken in de eerste plaats beschrijven betekent, oftewel een lichaam documenteren, de parameters van een situatie verzamelen, zodat er een diagnose kan worden gesteld, onderzoeken kunnen worden aangevraagd, zodat er wordt gepleegd en gered: de macht van de beknoptheid.

Onvermijdelijk komen ook de ethische issues aan bod. In een land waar elke burger potentiële ontvanger van een donororgaan is, lijkt het mij het niet meer dan logisch dat elke burger ook potentiële donor is. Maar hoe vreselijk moet het zijn om eerst geconfronteerd te worden met de dood van een geliefde en dan nog te moeten toestaan dat ze zijn of haar lichaam leegplunderen. Komt daar nog bij dat de familie niet te veel mag dralen met de beslissing, want dat komt de kwaliteit van de donororganen niet ten goede.

… voor Thomas Rémige was een duidelijke weigering beter dan een instemming die vol verwarring is bevochten, met veel moeite verkregen, en veertien dagen later betreurd door personen die worden geteisterd door wroeging, die niet meer kunnen slapen en wegzinken in verdriet; denken aan de levenden, zei hij vaak, dat moet eerst, kauwend op de punt van een lucifertje, denken aan degenen die blijven…

Zo komen we bij de betekenis van de titel van het boek: de doden begraven is één (aartsmoeilijk) ding, maar de levenden herstellen, dat is een ander paar mouwen.

Ik vond deze roman heel aangrijpend, en tegelijk van hoog literair niveau. Een aanrader wat mij betreft.

De onderwaterzwemmer – P.F. Thomése

Tweede wereldoorlog, het laatste jaar van de oorlog. Martin en zijn vader zwemmen ’s nachts een rivier over voor een verzetsopdracht. Het is de eerste keer dat “Tin”- een tiener nog – mee mag voor een opdracht. Besmeerd met vet tegen de kou, zwemmen ze naar de overkant. Aan de overkant blijkt Martin’s vader spoorloos. De jongen wacht en zoekt uren, en gaat tenslotte naar het dorp voor hulp. Uiteindelijk moet hij terug naar de overkant, zonder zijn vader. Daar moet hij het verdriet en de verwijten van zijn moeder trotseren. Het levert hem een levenslang schuldgevoel op.

Dertig jaar later is Martin met zijn echtgenote Vic op reis in Afrika. Doel van de reis is hun Foster parents-kind te bezoeken, de albino Salif (eigenlijk het Foster Parents kindje van de school waar Vic werkt). Het is dik tegen zijn zin dat Martin zijn vrouw is gevolgd naar Afrika. Hij heeft het gevoel dat ze hun dochter Nikki in de steek te laten. In Afrika laten ze zich zonder veel nadenken op sleeptouw nemen door een jonge betweterige Fransman, Jean-Claude, en zijn volgzame echtgenote. Martin voelt aan dat het misschien niet wijs is om dat te doen, maar ook nu protesteert hij niet. De onderwaterzwemmer

Hij beseft dat hij lijdt aan de denkfout van onzekere mensen, die ervan uitgaan dat anderen wél weten wat ze doen en daarom liever op anderen vertrouwen dan op zichzelf.

Daar, op hun tocht naar het binnenland van Afrika komt Martin zijn verleden weer tegen.

En nu, hier, in dit verzonnen land zonder plaatsnamen, verder weg dan ooit, is hij er weer – in heel zijn afwezigheid. Hij mist hem alsof het hier, op deze rivier, is gebeurd. Alsof hij zich maar hoeft onder te dompelen om hem te vinden. Hier, waar ze zelf nooit waren. Niet dat hij het begrijpt. Niet het overweldigende van het verlies, maar de futiliteit ervan. Je kijkt, je kijkt nog een keer, en er is niets. Nooit geweest ook. De nacht valt en als het ochtend wordt, heeft het nooit bestaan. Flikkering van zonlicht op water.

De twee koppels en hun Afrikaanse begeleiders zetten hun tocht naar het binnenland voort, naar het dorp van Salif. Daar neemt het verhaal opnieuw een noodlottige wending. De gebeurtenissen die zich afspelen, vond ik soms wat vergezocht, maar zoals Thomése schrijft over loslaten, over verlies en over wat het betekent voor de achterblijvers: prachtig vond ik dat.

Nog eens dertig jaar later, met een gebroken rug en bijna alleen op de wereld, blikt Martin terug op zijn leven.

Je hele leven ben je bezig om iets te verliezen wat je nooit hebt bezeten. Waarom zou je je daar dan op het laatst ineens druk over gaan liggen maken? Je had het immers toch al nooit. De nabijheid is alles wat je vergund geweest is. Je bent een tijdje nabij geweest, dat noem je liefde, of geluk, en daarna ben je weer alleen. Overigens, wie zegt dat die nabijheid niet juist in het sterven terug te vinden zal zijn? Amor fati. Dichter bij het verborgene kun je niet komen.

Het einde van het boek is niet donker, maar eerder hoopvol. Zelfs voor iemand die zo veel afscheid heeft moeten nemen, is er troost, lijkt de auteur ons te zeggen. Een topboek, deze Onderwaterzwemmer van Thomése.

Pauze

Bitter weinig heb ik gelezen, de voorbije maanden. BoostZo weinig dat ik het terug gewoon moet worden om mij met een boek in de zetel te zetten, nu het vakantie is. Hoe het komt, dat ik minder lees? Tja, door een boek eigenlijk. Een tijd geleden las ik Boost, van Goedele Leyssen. Zij schrijft zo enthousiast over yoga, dat ik er ook aan begonnen ben. Ondertussen voel ik mij al ongemakkelijk als ik een paar dagen mijn yogamat niet heb gezien. En het eerste slachtoffer daarvan is mijn leestijd…

In april las ik wel De mooie voedselmachine, waarin Giulia Enders ons verteringsstelsel van naaldje tot draadje uit de doeken doet. Geen boek om op mijn blog te bespreken, vond ik zo. Maar ik kan het wel ten zeerste aanbevelen: het boek is speels en leerrijk, een ontdekkingsreis door uw darm, als het ware.

Op een verloren zondag las ik ook nog Verbroken beloftes van Jenny Offill. Het is een boek over het moederschap, over het huwelijk en over het met moeite bij elkaar houden van dat huwelijk. De Standaard Letteren had het aangekondigd als “een experiment van verpletterende schoonheid”.

verbroken beloftes offillZelf vond ik het niet slecht, maar verpletterend zou ik het niet durven noemen. Ik denk dat het vooral de opsommerige stijl was, die me stoorde. Een verzameling van gebeurtenissen, gedachten en citaten, telkens gescheiden door een witregel. In het interview in de standaard vertelt de auteur dat het boek met opzet fragmentarisch is geschreven, omdat het leven van een moeder dat ook is. Maar als ik mij als moeder ’s avonds in de zetel zet met een boek – kindjes in bed – dan lees ik toch liever een vlotte tekst.

Herkenbaar en ontroerend, dat wel, maar geen boek waar je je kan in ingraven. Voor mij een beetje een teleurstelling dus…