Het West-Vlaams versierhandboek – Thomas Blondeau

Het was vooral de titel die me nieuwsgierig maakte naar dit boek. Niet dat ik op zoek ben naar tips om iemand aan de haak te slaan, de verwijzing naar West-Vlaanderen wekte mijn curiositeit. Literatuur over mijn geboortegrond, geschreven door iemand die zelf ginderachter geboren is, nog wel iemand van mijn generatie: dat moest ik toch eens van naderbij bestuderen.west-vlaams versierhandboek

Hoofdpersonage Raf, schrijver van beroep, ziet zijn zoveelste relatie op de klippen lopen en keert terug naar zijn geboortedorp om aan een nieuw boek te werken met als doel “te begrijpen waarom ik maar geen lief bij me kan houden hoewel er op het eerste gezicht toch niets verkeerd met mij is.”

Het eerste jaar hielden we van elkaar. De angst voor eenzaamheid, haar weerwolfachtige transformatie ’s nachts en het afstotelijke idee om weer te moeten bedelen om lijf en aandacht sleepten met door het tweede jaar. Tijdens het derde jaar sliep ik vaak naast haar met als gedachte: “Dit is blijkbaar wat ik gewild heb.” Wie zich willens en wetens aan ellende vastklinkt doet dat met veel meer inzet en vastberadenheid dan wie geluk najaagt.

Het boek gaat niet alleen over de liefde, maar ook over de maatschappij. Bij thuiskomst blijkt het gehucht waar hij is opgegroeid de onafhankelijkheid te hebben uitgeroepen. Op het eerste gezicht vond ik dat wat vergezocht, maar misschien past het wel in het verhaal. Net zoals Raf, sluit het dorp zich af van de wereld, plooit het als het ware terug op zichzelf.

Stijl en inhoud van het boek zijn bij wijlen cynisch en hard, maar er mag ook gelachen worden:

Niemand wil nog met een boer trouwen de dag van vandaag. Boer zoekt vrouw, ik geloof er geen zak van. Een hoop achterlijke stadsdozen die niet in staat zijn een eigen leven op te bouwen en daarom maar dat van een ander lenen. O, tis hier allemaal zo idyllisch en dan gaan bleiten omdat ze hier geen kurkuma kunnen kopen. Of de raketsla is niet vers genoeg, ik mis dat peperige, dat knapperige. Eet dan een envelop, hé. Dat zijn zo precies diezelfde genre van domme kloten die pas vegetariër worden nadat ze een boek erover hebben gelezen. Wat dachten ze? Dat een koe hamburgers kakt?

De definitie van Raf van een ziekelijke lezer vond ik ook wel grappig: “bibliotheekpas nog voor bankkaart, rieten boodschappenmand wekelijks vol met drie tot vijf boeken, geen seksleven, gek op boekenmarkten”. Dat type lezer ben ik alvast niet, mocht u daaraan twijfelen.

Ander moois over lezen vond ik dit fragment:

Petrarca heeft gelijk. Ik ken geen schrijver of lezer – hoe hautain of wereldvreemd ook –  die zich niet met iedere letter verzet tegen iedere vorm van eenzaamheid. Iedereen hoort het geknars van zijn eigen gedachten al hij alleen is. Niet iedereen wordt daar gek van, maar als het lang genoeg duurt, scheelt het vaak niet veel.

Het West-Vlaanderen dat ik ken, heb ik niet herkend in het boek, maar dat gaf niet. Ik vond het best vermakelijke lectuur. Het was goed geschreven. Maar een hoogvlieger zou ik het nu ook weer niet noemen. Blondeau is een auteur die wat in zijn mars had, maar zijn schrijfkunst perfectioneren zit er helaas niet meer in. Hij overleed twee weken geleden aan een hartaderbreuk.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s